Rens Ulijn

Journalist & eindredacteur


Welkom op mijn blog! Hier schrijf ik op persoonlijke titel over alles wat me bezighoudt.

Festivalletje flessen

mei 11, 2014Rens Ulijn0 Reacties

Met de Stones, Metallica en Stromae heeft Pinkpop dit jaar een absolute droomaffiche. Maar wie nu nog een kaartje wil, vist achter het net. Toch zijn er voor slimme festivaltoeristen genoeg manieren om zonder kaartje het festivalterrein op te komen.

In 2006 verzamelde ik voor het Eindhovense stadsmagazine PEPER de geheime tips & tricks van drie ervaren free festival riders. Zouden hun methoden nog steeds werken?

Drie ervaringsdeskundigen:

Joep (23): Deze Nijmeegse student ging gratis naar het Ozzfest, een Duits hardcore festival en het Nirwana Tuinfeest in Lierop. “Ik ben muziekliefhebber, maar ook student. Ik heb dus over het algemeen weinig te makken. Dan moet je creatief zijn.”

Tito (38): Deze Belg uit Antwerpen flest festivals voor de kick. “En natuurlijk ook omdat de festivalkaartjes zo overdreven duur zijn.” Kwam gratis binnen op o.a. Pinkpop, Pukkelpop en Rock Werchter.

Robert (36): Dit fenomeen uit Roelofarendsveen heeft in de scene inmiddels naam gemaakt als ‘de meestervervalser’. Struint met zijn bestelbusje vol vervalsingsapparatuur al meer dan vijftien jaar de Europese festivals af. “Ik doe dit puur voor de sport.”

TIP 1: (Voor de eerlijke mensen):
Zoek werk op het festivalterrein

De eerlijkste manier om gratis op het festivalterrein te komen is het bemachtigen van een baantje op het festivalterrein. Kom je niet om rijk te worden, dan kun je het beste aan de slag gaan als vrijwilliger. Het aantal uren dat je moet werken is meestal veel minder dan de totale duur van het festival. Tijd genoeg dus om bier te drinken en de leukste bandjes mee te pikken. Je hebt verschillende opties: polsbandjes omdoen, terrein schoonhouden, informatiebalie bemannen, of handtekeningen ophalen voor een goed doel.

Een tweede optie is een officieel baantje. Frikadellen of pannenkoeken bakken, achter de bar staan, flyeren voor het één of ander. De werkzaamheden verschillen per festival. Het grote nadeel is dat je werkgever ervan uitgaat dat je komt om geld te verdienen, niet om het festival te bezoeken. Ben je een echte rat, dan kan je er tijdens het werk altijd nog tussenuit knijpen.

De ervaringsdeskundige:

Zo’n rat is festivalflesser Joep.  Onder zijn alias Thomas den Kooningh verkocht hij twee jaar geleden friet en frikadellen op het Ozzfest in Nijmegen. Tijdens het werken laadde hij zijn zakken vol met munten en kneep hij ertussenuit. ‘Belangrijk is dat je het juiste moment uitkiest om er tussenuit te knijpen. Je zegt dat je even naar de wc gaat. Als niemand je in de gaten heeft, spring je over het hek en trek je een sprintje de mensenmassa in. Slimme jongen die je daar nog tussenuit haalt. Werkkleding in een prullenbak en genieten maar. Zorg wel dat je collega’s je echte identiteit niet kennen, anders kan je achteraf flinke problemen krijgen.’

TIP 2: (Voor de avonturiers):
Klim over het hek

Heb je stalen zenuwen en hou je van een beetje avontuur, dan kan je natuurlijk altijd proberen om over het hek van het festivalterrein te klimmen. Belangrijk is dat je goed weet waar de zwakke punten in de omheining zitten. Daarom is het aan te raden om vantevoren het festivalterrein goed te verkennen. Vlak bij de medewerkersingang kan je soms op een onbewaakt moment naar binnen sneaken, zonder dat iemand het in de gaten heeft.

De ervaringsdeskundige:

Tito klom over het hek bij Pinkpop en Rock Werchter. ‘Het is een kwestie van geduld. Je wacht onder het genot van een goeie pint het juist moment af en dan gá je. Je hebt niks te verliezen, want als de bewakers je pakken, laten ze je meestal na een uurtje weer vrij. En dan probeer je het gewoon nog een keer. Wat ook goed werkt is het graven van een gat onder de omheining. Dat heb ik op Pukkelpop gedaan. Zorg dat je op de festivalcamping staat zodat je het gat ’s nachts kan graven. Dan zijn de bewakers meestal ook bier aan het drinken. De laatste vijf jaar is het me trouwens niet meer gelukt om over een hek te klimmen. De beveiliging is een stuk professioneler geworden. En ik word ook een jaartje ouder. Ze lopen nu op Werchter zelfs met waakhonden. Daardoor is de charme er een beetje af.’

TIP 3: (Voor de creatievelingen):
Vervals een ticket, polsbandje of perskaart

Ben je niet zo goed in klimmen, maar wel handig met plastic, katoen en Photoshop? Vervals dan een ticket, perskaart of polsbandje. De logo’s vind je op internet en de ontwerpen van de perskaarten zijn afgezien van het kleurtje elk jaar ongeveer hetzelfde. Loop vervolgens zo nonchalant mogelijk langs de controle en ga vooral niet blozen. Eenmaal binnen is er niemand die ooit nog naar je vervalste entreebewijs vraagt.

De ervaringsdeskundige:

Voor ‘meestervervalser’ Robert is het vervalsen van polsbandjes een serieuze aangelegenheid. In zijn busje heeft hij een generator staan om een pc, scanner en kleurenlaserprinter van stroom te voorzien. Ook heeft hij stukken plastic en katoen in alle kleuren van de regenboog. In zijn busje knutselt hij overtuigend goed lijkende polsbandjes in elkaar. Tientallen festivals heeft hij op deze manier gratis bezocht. “Als ik aankom kijk ik bij de ingang welke kleur de polsbandjes hebben. Daarna ga ik in mijn busje aan de slag. Het is me altijd nog gelukt om binnen te komen.’

Een andere beproefde methode van Robert: vervals met photoshop het briefpapier van de platenmaatschappij van je favoriete band . Je schrijft vervolgens een brief waarin je een bandlid laat zeggen dat je een vriend bent die absoluut op de gastenlijst moet. Vervolgens laat je de brief op de post doen in het land waar de band vandaan komt.

TIP 4: (Voor de gladde praters):
Bluf jezelf naar binnen

Ben je niet handig of lenig, maar kan je goed ouwehoeren: lul jezelf dan het festivalterrein op. Zo kan je je uitgeven als popjournalist, fotograaf, roadie, vriend van een artiest of medewerker van de catering. Een t-shirtje van een bedrijf kan je helpen, maar het belangrijkste is een overtuigende en zelfverzekerde blik in je ogen.

De ervaringsdeskundige:

Voor Joep uit Nijmegen was één telefoontje genoeg om gratis naar het Nirvana Tuinfeest in Lierop te gaan.  Hij liet zich voor het muziekblad Samsonic op de perslijst zetten. “Bij de naam Samsonic gaat bij de meeste de organisatoren van kleine festivals meestal wel een belletje rinkelen. Ze weten alleen niet dat het blad al een paar jaar niet meer bestaat. Ik kreeg de perskaarten netjes thuisgestuurd en werd met alle égards ontvangen. Een andere optie is het opgeven van de naam van een universiteits – of hogeschoolkrantje. Het is ook handig dat je daar dan ook echt wat mensen kent.”

Tito uit Antwerpen kwam een aantal festivals binnen door simpelweg een zelfgemaakt T-shirt met de tekst ‘roadie’ erop aan te trekken. “Als je vantevoren bij de artiesteningang gaat staan vang je meestal wat namen op van belangrijk mensen. Als je die naam dan links en rechts laat vallen, is er meestal geen probleem. Het belangrijkste is echter dat jehairy balls hebt. Je moet zelfverzekerd zijn en zeker niet bang. Als je gaat lopen stotteren gaat het mis. Het gaat ook om de ervaring. De eerste keer voel je je net een huurmoordenaar en kan je wat angstig overkomen. Hoe vaker je het gedaan hebt, hoe makkelijker het wordt.”

 


Laat een reactie achter