Rens Ulijn

Journalist & eindredacteur


BN/DeStem / March 31, 2007

Klein Warschau in de polder

SECTION: C14 (14)

LENGTH: 1445 words

door Rens Ulijn foto’s Koen van Weel

Het is dinsdagochtend half zes op bungalowpark Het Grootslag in Andijk. Nog voor de zon zijn gezicht laat zien, komt het vakantiepark vlak achter de IJsselmeerdijk tot leven. De duisternis wordt doorbroken door de lichten die een voor een aanspringen in de 150 houten bungalows aan de rand van het park. Twee dagen na de tragische brand waarbij twee Polen levend verbrandden, gaat het leven van de zeshonderd Poolse arbeiders gewoon door.

Bungalow is eigenlijk een te mooi woord voor de houten barakken waarin het merendeel van de Andijkse Polen soms maanden achtereen bivakkeert. De houten vakantiehuisjes werden begin jaren tachtig vlak tegen elkaar aan gebouwd als goedkope toeristenaccommodaties.

Ze voldoen al lang niet meer aan de eisen van comfort en privacy die de moderne recreant stelt. De eigenaren verhuren ze dan ook massaal aan uitzendbureaus die er de Poolse arbeidskrachten huisvesten.

Om 6 uur komen de Polen in kleine groepjes hun barakken uit. Zwijgend en met een peuk op de lip slenteren ze gelaten naar de parking bij de ingang van het park. Een tiental personenbusjes pendelt ondertussen tussen het park en de bedrijven in de regio om de Polen op tijd op het werk te krijgen.

Als tegen achten de zon op is, keert de rust terug op het park. De komende negen uur zijn de recreanten op het park weer even in de meerderheid. Pas rond vijf uur zullen de Polen Het Grootslag na een lange dag werken weer overnemen.

Grote Poolse enclaves zoals in Andijk zijn in Nederland al lang geen uitzondering meer. Van Groningen tot Limburg en van de Betuwe tot de Bollenstreek leven grote groepen Poolse arbeiders op campings, recreatieparken of in hotels. Zeker in de land- en tuinbouw zijn ze onmisbaar. “Als de Polen in Nederland morgen het werk neerleggen, liggen er overmorgen geen tomaten meer bij de Albert Heijn”, zegt Franc Telkamp van AB Brabant.

Het uitzendbureau werft jaarlijks duizenden Polen voor de Nederlandse arbeidsmarkt. Het is het bekende verhaal. Er zijn geen Nederlanders te vinden die voor zes euro per uur lange zware dagen van fysieke arbeid willen maken. Voor Polen is het een vorstelijk salaris, ze verdienen gemiddeld drie keer zoveel als thuis.

Naar schatting honderdduizend Polen zullen dit jaar voor een tijdelijke baan naar Nederland komen. Met grote touringcars worden ze in hun vaderland opgehaald. Anderen rijden zelf binnen een half etmaal naar Nederland.

Maar waar laat je het inwonersaantal van een middelgrote stad aan tijdelijke arbeidskrachten? “Huisvesting is de bottleneck”, weet Dennis Laverman van AB Oost-Nederland. “Polen vinden is het probleem niet. Ze staan in de rij om in Nederland geld te kunnen verdienen.”

Eigen huisvesting heeft bij AB de voorkeur boven tijdelijke accommodaties op campings en in bungalowparken. In heel het land koopt het bedrijf leegstaande boerderijen en woonhuizen op om ze geschikt te maken voor bewoning door tijdelijke arbeidskrachten uit Oost-Europa. Ook leegstaande asielzoekerscentra en kloosters hebben de belangstelling van het bedrijf.

Recreatieparken ziet Laverman als laatste optie. “Grote concentraties Polen in een park, dat leidt vaak tot spanningen met de omgeving. Het wordt als bedreigend ervaren. We regelen dus liever een eigen accommodatie.”

Ook de Andijkers zijn argwanend. Bij de bakker in het centrum van het dorp weten ze het zeker: de brand van afgelopen zaterdagnacht is aangestoken. Ook al zegt de politie dat het een ongeluk was, het gonst van de geruchten.

Bijna iedereen die je in het dorp aanspreekt, brengt de Polen in verband met vandalisme, inbraak en openbare dronkenschap. “Ze stinken altijd naar drank”, zegt een Andijkse met een vies gezicht. Als je doorvraagt kent iedereen ook wel een goeie Pool. Het dorp kent zelfs al een paar Pools-Nederlandse huwelijken.

De beschuldigingen van kleine criminaliteit zijn vooral van horen zeggen. Niemand die het criminele gedrag van de Polen zelf gezien of ondervonden heeft. Ook burgemeester Astrid Streumer kent de geruchten. “Er zal heus wel eens wat gebeuren”, zegt ze op een persconferentie naar aanleiding van de brand, “maar als je het aantal aangiftes bekijkt dan schept dat geen alarmerend beeld.”

Burgemeester Gerrit Goedhart van de gemeente Noordwijkerhout herkent de spagaat waar collega Streumer zich in bevindt. “Hier in de Bollenstreek hebben we al jaren te maken met seizoensarbeid. In het topseizoen wonen en werken hier 1500 tijdelijke Poolse krachten. Dat is 10 procent van ons inwonertal.”

Spreiding en handhaving zijn volgens Goedhart de toverwoorden. “We werken nauw samen met de politie om overlast in de hand te houden. De uitzendbureaus zelf spelen ook een belangrijke rol. In de meeste gevallen zorgen zij voor eigen huisvesting en houden ze hun werknemers in het gareel.”

[DC@1,4,4070,0,0,0,0,0,3,100,100]Op het recreatiepark in Andijk heeft de Poolse aanwezigheid de gemoederen flink verhit. Een dag voor de brand was er een vergadering van de vereniging van eigenaren van het park. De problematiek rond de Polen stond bovenaan de agenda. Een nipte meerderheid wist het plan van het bestuur om de Poolse enclave nog vijf jaar in stand te houden tegen te houden.

“Puur eigenbelang”, zegt een van de tegenstanders. “De voorzitter verhuurt zelf huisjes aan Polen. Wij als recreanten zitten met de gebakken peren.” Zowel de gemeente Andijk als de vereniging van eigenaren zijn nu van mening dat de Polen moeten vertrekken. Alleen niemand weet waarheen.

Het echtpaar Theo en Vera van der Thiel snapt niet dat de Polen weg moeten. Zelf wonen ze permanent tussen de Polen in een van de luxere stenen bungalows aan de andere kant van het park. Een tweede huisje verhuren ze al jaren naar volle tevredenheid aan Poolse arbeiders. Het leverde ze een hoop Poolse vrienden op.

De klachten van overlast en vandalisme wijzen ze resoluut van de hand. “Het zijn allemaal vooroordelen. Het enige wat die mensen doen, is hard werken om een paar centen te verdienen. Als hier Hollandse jongeren op het park zitten, hebben we veel meer last.”

Inmiddels is het zes uur ‘s avonds. De parking van de Lidl aan de rand van Andijk stroomt vol met personenbusjes en auto’s met Pools kenteken. Na het werk komen de Polen hun dagelijkse boodschappen doen. “Ze kennen de Lidl omdat wij ook in Polen zitten”, lacht filiaalmanager Tjeerd Huberts.

Het populairste product is volgens Huberts bier. Natuurlijk is Huberts blij met de extra klandizie, maar helemaal vertrouwen doet hij de Polen niet. “Als ze met grote tassen naar binnen komen, controleren we bij de kassa even of ze niks gestolen hebben.”

Terug op Het Grootslag duiken de meeste Polen snel hun barak weer in. Rond half zeven mengen de etensgeuren zich tussen de huisjes. De 27-jarige Gabriela Kaczmarzyk eet vandaag bij haar jongere zus, die samen met haar vriend een luxe stenen huisje huurt van het echtpaar Van der Thiel. Het koppel deelt de woning met een bevriend echtpaar dat uit dezelfde streek in Zuid-Polen komt.

Ze hebben geluk dat ze met bekenden wonen. In veel van de huisjes worden echtparen samen gezet die elkaar eerder niet kenden. Privacy is schaars op het park.

De groep oogt tevreden na een lange dag werken. Gevraagd naar wat ze van Nederland vinden, volgt eerst een lange stilte. “Schoen”, klinkt het uiteindelijk in gebroken Duits. De reden dat ze hier zijn? Verlegen lachend: “Arbeit,… geld.” Zelfs in het weekend proberen ze werk te vinden.

“Ze komen hier om zoveel mogelijk uren te draaien”, weet Van der Thiel. Naast hun gewone werk proberen ze er dan in het weekend nog een ochtendje bij te pakken bij een tuinder of een boer. Hun kennis van de omgeving reikt niet verder dan het tien kilometer verderop gelegen Enkhuizen. De zwarte markt in Beverwijk, daar gaan ze ook nog wel eens naar toe.

Als de politie woensdagochtend bekend maakt dat de brand in de bungalow veroorzaakt is door een oververhitte pan op het vuur, wordt duidelijk hoe onbetrouwbaar het Andijkse geruchtencircuit is. De brandveiligheid in de huisjes blijkt ook in orde. Toch moeten de Polen weg. Burgemeester Streumer geeft het zelf niet toe, maar de brand en de publiciteit kwamen haar goed uit.

“We gaan met de werkgevers en de uitzendbureaus om de tafel zitten. 600 Polen in een gemeente van 6000 inwoners is te veel. Wij vangen het huisvestingsprobleem op voor de hele regio.”

De Polen zal het een zorg zijn. Ze beseffen dat ze onmisbaar zijn en vertrouwen erop dat er na Het Groots lag wel weer een andere slaapplaats wordt geregeld. Ook woensdagochtend springen om half zes de lichten weer aan. Opnieuw slenteren de Polen naar de parking. Op naar een nieuwe werkdag.

LOAD-DATE: April 2, 2007

LANGUAGE: Dutch

PUB-TYPE: NEWSPAPER

© Copyright 2007 BN/DeStem