Rens Ulijn

Journalist & eindredacteur


De Gelderlander, March 24, 2007

Made in Holland

SECTION: C04 (58)
LENGTH: 1424 words

De Nederlandse gamesindustrie wordt volwassen. Met budgetten van miljoenen euro’s bouwen gamesstudio’s op eigen bodem de successpellen van morgen. Nieuw dit jaar: de eerste officieele gamesopleiding op mbo-niveau.

door Thomas Olivier en Rens Ulijn
foto’s GPD

De extreem hete zomer van vorig jaar ging aan hun neus voorbij. Vanuit het raam zagen ze dames in bikini voorbijkomen. Met handoekjes onder hun arm. “Crunch-time, we moesten doorbuffelen”, verzucht soundengineer Matthew Florianz in het kamertje waar hij de hele dag spelgeluiden mixt. Een nieuwe deadline naderde. “Het werk moest af, dus zaten we vrijwillig twee maanden opgesloten.” Lachend: “Af en toe werden er wat pizza’s naar binnen gegooid.” Welkom bij de Nederlandse gamesstudio Spellborn.

Op de vierde verdieping van een glazen kantoorpand aan de kust tegenover het Scheveningse Kurhaus, werken een kleine vijftig man op volle kracht aan The Chronicles of Spellborn, een MMORPG.

Een wat?! Een Massive Multiplayer Online Role Playing Game – een gigantisch computerspel dat miljoenen spelers over de hele wereld in staat stelt om van achter hun pc via internet gezamenlijk een fantasiewereld te betreden.

De Nederlandse gamesindustrie komt tot wasdom. Spellborn is daar het levende bewijs van en zeker niet het enige. Killzone, een schietspel van de hand van het Amsterdamse Guerrilla is tot op heden het succesnummer van de lage landen.

Gamesstudio Guerrilla maakte de game exclusief voor Sony’s spelcomputer, de Playstation. Een regelrechte hit. Om van opvolgers verzekerd te zijn, lijfde het Japanse elektronicaconcern Guerrilla, inclusief de ruim 120 medewerkers, voor ettelijke miljoenen in.

Ook andere Nederlandse gamesproducenten met namen als Playlogic, Icemobile en Zylom braken onlangs door. Daarmee speelt Nederland sinds korte tijd een leuk potje mee op de wereldwijde markt voor computerspellen. Een omslag volgens

John Middelweerd, voorzitter Nederlandse entertainment- en mediapraktijk van adviesbureau PricewaterhouseCoopers (PwC). “De bedrijvigheid concentreerde zich tot voor kort nog rond het Amerikaanse Sillicon Valley en Londen.” The Chronicles moet Spellborns grote doorbraak worden, vertelt pr-man Marco van Haren. Het zijn de laatste loodjes, want na drie jaar werken komt het spel in juni met bijna een jaar vertraging op de Europese markt. Daarna volgt de rest van de wereld.

Zestig tot tachtig uur per week zijn ze bezig, maar het voelt niet echt als een baan, benadrukt Van Haren. Een game maken is geen kinderspel. “Sommige mensen moet je echt naar huis schoppen zodat ze even kunnen douchen.” Waar een kwaliteitsspel een jaar of vijf geleden nog voor een miljoen euro gemaakt kon worden, zijn de budgetten vandaag de dag al snel het tienvoudige of meer. Dat is een bedrag waarvoor de beste Nederlandse speelfilms gemaakt worden.

Gamen is big business. Alleen al in Nederland spendeerden spelletjesfanaten afgelopen jaar ruim 300 miljoen euro aan games. De rek is er voorlopig niet uit, want volgens PwC zal dat bedrag in 2010 zijn opgelopen tot meer dan een half miljard. De uitgaven aan pc’s en spelcomputers zitten daar niet eens bij. Wereldwijd beloopt de omzet uit de verkoop van spellen inmiddels 33 miljard euro en volgens sommige schattingen zal dat in 2009 het dubbele zijn. De uitdaging is volgens Middelweerd van PwC overal ter wereld dezelfde: de enorme investeringskosten zien terug te verdienen. Spellborn vormt daarop geen uitzondering. Een slordige tien miljoen euro hebben investeerders in het mammoetproject gepompt.

“Een speelbare demo in elkaar zetten kost al snel een paar ton tot een half miljoen euro”, zegt pr-man Van Haren. Daarvoor hoef je bij een gewone bank niet aan te kloppen. Wie de welwillende geldschieters van Spellborn zijn, houdt hij angstvallig stil: ze zijn gesteld op hun privacy zolang het spel nog niet af is. Exacte bedragen noemt hij ook niet, maar die tien miljoen “komt waarschijnlijk wel aardig in de richting.”

Met het volwassen worden van de sector werd in 2005 brancheorganisatie Benelux Game Initiative (BGIn) opgericht. Voorzitter Pieter Slingerland komt net terug van de Game Developers Conference in San Francisco, de beurs voor gamesontwikkelaars. “We moeten als regio aantrekkelijk worden. Gamesstudio’s gaan zich hier vestigen als ze weten dat ze goede mensen kunnen vinden en dat er goede opleidingen zijn.” Die opleidingen zijn inmiddels ruim voorhanden. Vijf jaar geleden startte de Utrechtse Hogeschool voor de Kunsten als eerste met een hbo-opleiding die zich helemaal richt op het maken van computerspellen. Inmiddels hebben Amsterdam en Breda vergelijkbare opleidingen. Op academisch niveau is de Universiteit Utrecht met de opleiding Mediatechnologie hoofdrolspeler. Zelfs op mbo-niveau kunnen studenten vanaf komend schooljaar terecht voor een opleiding gaming.

Gamingopleidingen zijn nog een teken dat de branche volwassen wordt, meent Nederlands eerste professor gaming Mark Overmars van de Universiteit Utrecht. Al wil hij te veel enthousiasme over de arbeidsmarkt wel iets temperen. Jonge mensen moeten volgens hem niet de illusie hebben dat ze na zo’n opleiding meteen aan megaproducties als Killzone of The Chronicles kunnen meewerken. Die banen blijven schaars en de eisen die gesteld worden, zijn hoog.

Overmars: “Je moet niet alleen technisch onderlegd zijn, je moet die kennis ook op een creatieve manier kunnen gebruiken en goed onder druk kunnen werken in teamverband. Mbo’ers zullen minimaal moeten doorstromen naar het hbo om bij de grote studio’s een kans te maken.”

Er is meer dan alleen de grote studio’s. Ook de vraag naar eenvoudige spelletjes, bijvoorbeeld voor websites van bedrijven, neemt volgens de gamingprofessor toe.

Op het Deltion College in Zwolle bereiden de eerste mbo’ers zich voor op een leven in de gamesbranche. Hemelsbreed 150 kilometer van de Spellborn-studio in Den Haag werken ook zij druk aan een nieuw spel, alleen dan met een fractie van het Spellborn-budget. De meester van Swolle is het stageproject van vijf studenten Animatie en Games. Stuk voor stuk dromen ze ervan ooit aan een miljoenenproject als The Chronicles of Spellborn mee te mogen werken. Hoewel de mbo-opleiding gaming pas in september officieel van start gaat, heeft de school al flink wat ervaring. In 2004 begon een eerste groep studenten er aan de opleiding, als voorloper van de gamingopleiding die later dit jaar begint.

Van die eerste lichting studenten stopte de helft in het eerst jaar. “Dat zijn de mensen die alleen maar komen omdat ze zelf graag spelletjes spelen”, weet Kimber Pluygers (18). Als enige meisje zit ze inmiddels in het derde jaar van de opleiding. “De afhakers dachten dat je meteen de spellen gaat maken die je ook thuis speelt. Je begint natuurlijk bij nul.”

Pluygers en haar collega-studenten sluiten zich de komende tijd vrijwillig op. De school heeft een klaslokaaltje van zes bij zes meter voor ze gereserveerd, waar ze in alle rust aan het project kunnen werken. De muren van de ruimte hangen vol met schetsen van personages die hun spel straks bevolken.

Verspreid over de grote werktafel, die in het midden van het lokaal staat, liggen losse velletjes papier met aantekeningen tussen koppen koudgeworden koffie en lege zakken snoep. “We zitten hier zo’n veertig uur per week, vandaar de rotzooi”, verontschuldigt Pluygers zich.

De gamingstudenten gaan een mooie toekomst tegemoet, meent Overmars. “De industrie heeft de tijdgeest mee. Vijf jaar geleden was er nauwelijks geld beschikbaar voor onderzoek. Computerspelletjes werden nog niet als een serieus wetenschappelijk onderzoeksveld gezien.”

Dat die tijd voorbij is, bewijst de tien miljoen euro aan aardgasbaten die de regering onlangs aan het onderzoeksinstituut van Overmars toekende. Binnen zijn Centre for Advanced Gaming en Simulation (AGS) werkt Overmars samen met TNO en de Utrechtse Hogeschool voor de Kunsten. Een van de speerpunten is het economisch rendabel maken van de aanwezige kennis over gaming in Nederland.

Zo ziet de hoogleraar op het gebied van serious gaming een belangrijke rol voor Nederland weggelegd. “Je moet dan denken aan simulators voor autorijscholen of toepassingen in de zorg of het onderwijs. Ons onderzoek naar serieuze gametoepassingen is voor Europa toonaangevend. De markt voor serieuze computerspellen is in potentie groter dan die van de entertainmentspelletjes, omdat de toepassingen veel talrijker zijn.”

Bij Spellborn gaan ze voor het vermaak. Als het spel in juni op de markt komt, dan staan ze met zijn vijftigen en met een paar flessen champagne klaar. Al heeft geluidsmixer Florianz, die vorige zomer geen tijd had voor het strand, vooral andere plannen. “Als dit af is, ben ik het liefst een paar maanden het land uit.”

LOAD-DATE: March 24, 2007
LANGUAGE: Dutch
PUB-TYPE: NEWSPAPER